Kennisnet Leerlingzorg Archief
Arie Horzel heeft zo zijn eigen kijk op het onderwijs. In zijn maandelijkse Horzel deelt hij zijn ervaringen en suggesties met u.
IJzeren wetten
Een van mijn meest dramatische schooljaren was de vijfde klas lagere school toen ik les had van meester Brokerhof. Het was een dramatisch jaar waarin ik doodsbang was voor de sigaren rokende, geelgetande man voor de klas. Ik wist: daar zat de vijand, ieder moment kon hij toeslaan. Angst leidt tot rare reacties en ik werd er dan ook om de haverklap uitgestuurd voor alle maffe caperiolen die ik uithaalde. En dat terwijl ik normaal zo’n lief kereltje was.
Achteraf was het allemaal niet zo raar. Jaren daarvoor had meester Brokerhof mijn ome Dré gemept en was mijn opa op hoge poten naar school gegaan. Normaal de rust zelve, behalve als ze aan zijn kinderen kwamen. Dan ging hij over de rooie. En dat gebeurde nog al eens want hij had er twaalf. Opa maakte ongekende stampij op school en liet thuis duidelijk merken dat de duivel in eigen persoon Brokerhof uit de diepste krochten van de hel had gehaald om ons het leven zuur te maken. Mijn moeder was een lieve meid en luisterde naar haar vader: Brokerhof is het Kwaad. Ze was die boodschap waarschijnlijk vergeten totdat haar kostbaarste bezit, ik zei de gek, les van de man kreeg. Ze stuurde haar zoon, die net zo goed naar haar luisterde als zij naar haar vader, naar school met de boodschap dat Brokerhof het Kwaad zelve was en dus niet te vertrouwen. Ik luisterde naar ma; ik kon niet anders.
Kinderen, leraren en ouders, het blijft een bloedstollend thema dat een ijzeren wet kent: als school en ouders tegenover elkaar staan, is het kind altijd de dupe. Misschien door mijn ervaring heb ik een gevoeligheid ontwikkeld voor docenten die daar op een geweldige manier mee omgaan. En wat dat betreft wordt mijn vooroordeel over Surinaamse en Antilliaanse vrouwen keer op keer bevestigt. Die zijn meesteressen in het omgaan met spanningen tussen school en ouders.
Shirley was een beetje van de uitdagende harde kant. Zij kreeg een briefje van John waarin zijn ouders zeiden dat John thuis moest meehelpen en daarom zijn strafwerk niet hoefde te maken van hen. Ze gaf John een briefje mee waarin ze schreef dat hij in verband met de komende repetitieweek van haar de komende twee weken niet hoefde mee te werken in de tuinderij. Laaiend waren de ouders: ‘Waar bemoeide dat mens zich mee?’ Gelukkig wist het ‘mens’ alles duidelijk uit te leggen en kwamen ze mooi tot elkaar.
Softer, maar eigenlijk effectiever pakte Angelina het aan. Toen zij een briefje kreeg van de ouders dat Evert zijn strafwerk mocht laten liggen, verbood ze hem het strafwerk te maken. “Dat mag je dus niet doen Evert, want je hoort naar je moeder te luisteren. Die is belangijker dan ik in dit soort zaken. Wel kan ik je momenteel niet in de les hebben omdat ik het eerste met je moeder moet uitpraten. Ga maar in de decaankamer zitten als dat mag. Ik bel straks je moeder.”
In het gesprek hanteerde ze een ijzeren klauw in een fluwelen handschoen. Moeder werd volop in haar rol erkend, maar Angelina bleef bij het punt dat Evert pas de klas in mocht als ze het strafwerk had; dat was niet voor niets gegeven, en als ze hieraan zou tornen, zou ze in een onmogelijke positie komen. Toen Evert zijn strafwerk inleverde, prees Angelina moeder de hemel in: ‘Daar bof je maar mee Evert, zo’n moeder die je zo goed steunt. Gelukkig kunnen jij en ik nu ook weer goed verder’.
Toch eens met m’n moeder over hebben.
Arie Horzel.
Meer horzels > >
|
|