Kennisnet Leerlingzorg Archief: Horzels
Arie Horzel heeft zo zijn eigen kijk op het onderwijs. In zijn maandelijkse Horzel deelt hij zijn ervaringen en suggesties met u.
Apetrots op onze apenrots
Of je het wilt of niet, als leraar, begeleider, ben je een leider, koning van de apenrots. Of jouw leiderschap wordt aanvaard, wordt voor een groot deel bepaald in de eerste les van het jaar. Maak je daar de klik, dan nemen leerlingen en ouders alles van je aan; gaat het mis, dan is de kans groot dat je de rest van het jaar je plek op de apenrots aan het bevechten bent en iedere keer wanneer je denkt dat je er bijna bent, je weer naar beneden geduveld wordt. Meestal duurt het langer dan een jaar, want de leerlingen vertellen tegen jongere broertjes en zusjes wat voor aap jij bent en met die overgeleverde waarheid komen ze jaren later bij je binnen.
Het mooiste is natuurlijk als je een krachtige aap bent waarvan de anderen blij zijn dat ze door hem geleid worden. De leider die grenzen aangeeft, bewaakt en die zichzelf tegelijk kwetsbaar opstelt. Je ziet alleen wie met schijnbare paradoxen kan omgaan, overleeft in the smartboard jungle. Omdat dit de laatste column van het laatste schooljaar is, wat overdenkingen voor de komende tijd. Neem ze mee en wie weet kun je er wat mee bij de start in september.
Een goed leider dwingt geen macht af bij de andere apen, maar wordt door hen gevraagd die plek in te nemen. Nu is dat op school een beetje moeilijk, want als leerlingen hun leraren mochten uitzoeken, is de kans groot dat 90% van de leerlingen van 10% van de leraren les krijgt. Dat jij de kar opgang moet krijgen is een gegeven. Maak daarbij gebruik van de versnellingsbak. Die heeft vier versnellingen en een achteruit.
De eerste versnelling is die van Contact. Als leerlingen binnenkomen stel je je voor, je maakt met iedereen contact. En je kunt hén met de anderen contact laten maken. Zoek boekjes met energizers en kijk wat je aanspreekt. Geef ze kans te vertellen wat hen bezig houdt. In de eerste versnelling besteed je geen aandacht aan je vak, maar alleen aan de mensen met wie je gaat werken. Voel je dat dit goed zit, dan ga je naar de 2e versnelling:
het Relatiecontract: hoe gaan we hier met elkaar om? Vraag leerlingen hoe zij willen dat er op de apenrots met elkaar wordt omgegaan, maar van begin af aan zien dat jij wel de aap bent die de regels vaststelt. Een goed leider luistert naar de anderen en neemt daarna in wijsheid zijn beslissing.
In haar eerste les vertelde Marit tegen haar leerlingen: ‘Jongens, meisjes, ik ben dit jaar jullie mentor, ik wil dat goed doen en daarbij heb ik jullie nodig. Willen jullie vertellen welke goede eigenschappen ik heb, die ervoor zorgen dat dit gaat lukken en kunnen jullie ook eigenschappen van me noemen die dit moeilijker kunnen maken. Die zal ik moeten leren of bij anderen moeten halen. En vertel het me als ik niet voldoende gebruik maak van mijn kwaliteiten of als je die andere blijft missen.’ Je hoort de boodschap van deze mentor: ik heb jullie nodig; ik leer van jullie; we kijken hier eerst naar wat iemand wél kan en omdat niemand perfect is, kijken we ook naar wat nodig is.
Pas wanneer de apen weten hoe op deze apenrots met elkaar wordt omgegaan, gaan we naar de derde versnelling: het inhoudelijke contract: hoe bereiken we ons doel, hoe komen we bij die banaan? Daarover een volgende keer. Nu eerst vakantie!!!
Arie Horzel
Meer horzels > >
|