Voortgezet onderwijs  
Leerlingzorg
Kennisnet Leerlingzorg Archief

Provocatieve coaching

NVSNVL logo Auteur: Jan Ruigrok
Dit artikel verscheen in 'Bij de Les', nummer 4.3
'Bij de Les' is het magazine van de NVS-NVL.

Voor het laatst gewijzigd op: 7 maart 2008


Wie een ezel vooruit wil krijgen, moet hem aan zijn staart trekken. Komt het u bekend voor? Als begeleider werkt u zich in het zweet om een leerling te helpen. Hoe harder u uw best doet, met vriendelijkheid en empathie, hoe harder de leerling laat blijken niets met u te maken te willen hebben. Provocatieve coaching is een nieuwe, verfrissende manier van begeleiding waarbij de leerling het werk doet en de begeleider achterover leunt vanuit het principe ‘wie een ezel vooruit wil krijgen, moet hem aan zijn staart trekken’.

De provocatieve coach straalt uit dat hij nog minder met de leerling te maken wil hebben dan de leerling met hem, met als subtiele, maar wezenlijke toevoeging: ‘maar als je wilt, ben ik er voor je.’ En voor je het weet gebeuren er wonderen. Het succes van provocatieve coaching bestaat uit de onmisbare elementen: humor, warmte en geloof in de kracht van de leerling en geloof in je eigen kracht.

Geloof, kracht en humor
Dankzij het werk van mensen als Jaap Hollander en Jeffrey Weinberg maken in het onderwijs steeds meer begeleiders met succes gebruik van provocatieve technieken. Het idee is dat wanneer je een ezel vooruit wilt krijgen, je hem aan de staart moet trekken. De provocerende begeleider plaagt zijn leerlingen, blaast hun problemen op tot belachelijke proporties of maakt hen duidelijk dat ze de zaken vooral moeten laten als ze zijn.

Provocatieve begeleiding is een combinatie van geloof in eigen kracht, geloof in de kracht van de ander en humor. Het werkt als je het doet vanuit betrokkenheid, zeg maar gerust vanuit liefde voor de ander. Doe je dat niet, dan ben je aan het afzeiken, word je cynisch en maak je mensen kapot. Het effect van provocatieve begeleiding is dat vastgelopen situaties in een stroomversnelling komen, zelfs in lastige situaties enorm gelachen wordt en geprikkelde leerlingen voor je het weet hun eigen problemen oplossen. En het is dé manier om het plezier in je werk te kwadrateren.

In het onderwijs en, hoe raar het ook mag klinken, op opleidingen voor rouw- en verliesverwerking waar ik trainingen provocatieve begeleiding geef, ervaren deelnemers het als een verrijking. Het geeft luchtigheid in zware situaties, helpt relativeren en je overeind houden. Dat provocatieve begeleiding ook in verliessituaties werkt, komt mede doordat een provocatieve begeleider nooit het trauma ridiculiseert, wel de manier waarop mensen ermee omgaan: “Dat je moeder is overleden is en blijft verschrikkelijk, maar de manier waarop je daarmee omgaat, daar zitten wat rare kantjes aan…” Je ziet iets soortgelijks bij de psychiater in het voorbeeld: hij maakt Jezus noch het geloof belachelijk, wel drijft hij de spot met de manier waarop zijn patiënt invulling aan zijn religieuze beleving geeft.

Basishoudingen
Evenals bij alle vernieuwingen nemen mensen tegen over provocatieve begeleiding een van de drie basishoudingen aan:
  1. ‘Ja en...’ Deze mensen ontdekken er iets in waar ze al jaren op gewacht hebben, ze gaan ermee aan de slag, boeken er successen mee en ontdekken het meesterschap dat al jaren in hen verborgen zat.
  2. ‘Nee, want...’ Zij wijzen deze onzin af. Bijvoorbeeld op ethische gronden: “Zo ga je niet met mensen om, zeker niet met mensen die met een probleem zitten”. Of ze zeggen ‘nee’ omdat ze het basiselement humor ontberen. Dan moet je er ook niet aan beginnen.
  3. ‘Ja, maar...’ Dit is uiteraard de grootste groep. Deze mensen zien de mooie voorbeelden, kunnen zich diep in hun hart voorstellen dat provocatieve begeleiding heel misschien ergens iets zou kunnen zijn, maar...
De ‘ja-enners’ gaan volop aan de slag, genieten en vinden hun weg. De ‘nee-wanters’ verdienen alle respect en die laten we met rust. Interessant is het om de bezwaren van de ‘ja-maarders’ onder de loep te nemen. Niet om hen te overtuigen, want dat lukt toch niet, wel om hen de kans te geven hun ge-ja-maar om te zetten in een ‘Ja en...’ of ‘Nee, want...’.

De voornaamste ‘ja-maars’ op een rij

  • Ja maar, dat kun je de leerlingen toch niet aandoen…
Als je deze overtuiging bent toegedaan, geloof je niet in de kracht van de ander. Je ziet leerlingen als mensen die je met fluweelzachte handschoenen moet aanpakken. Soms is dat nodig. Maar waarschijnlijk zijn meer leerlingen beschadigd door overbezorgde redders die hen met verstikkende empathie in de slachtofferrol hielden dan door provocateurs die hun slachtofferschap omzetten in assertiviteit. Leerlingen die in de sores zitten, ontmoeten vaak, zeker wanneer ze de kant van de depressie opgaan, warme, empathische zorgverleners, die wanneer het beoogde doel niet wordt bereikt, er nog een schepje empathie bovenop doen. Faalangstige leerlingen die op een training in een veilige en vertrouwde sfeer een provocatief gesprek voeren, voelen binnen de kortste keren de weldadige warmte van assertieve energie door hun lijf stromen.
  • Ja, maar als je gaat provoceren roep je agressie op en voor je het weet…
De provocatieve begeleider gaat over grenzen. Dat impliceert dat het fout kan gaan en dat is spannend. Wie dit risico niet aandurft, ontbreekt het aan geloof in eigen kracht. Provoceren lukt wanneer je de overtuiging hebt dat het niet fout loopt en dat mocht het fout lopen, je daar altijd op een goede manier uitkomt. Aankomend provocateurs doen er goed aan te beginnen in situaties waarin ze zich sterk en veilig en vertrouwd voelen. Niet voor niets zeggen veel mensen thuis en bij vrienden volop te provoceren, “maar op mijn werk...”. Thuis en bij vrienden voel je je kracht en geloof je in die van de ander. Provoceer en ontwikkel die kracht ook op andere plekken.
  • Ja, maar wat denken mijn collega’s wel niet van me als ik zo belachelijk ga doen?
Hier koppelt gebrek aan vertrouwen in eigen kracht zich aan schaamte: ‘stel je voor dat…’. De woorden “Sorry mam”, waarmee Birgitte Kaandorp haar verhaal afsluit, geeft de schaamte aan die mensen belet te provoceren: “stel dat mijn moeder (mijn collega, mijn kind, mijn partner) me zo zou zien…”. . De provocatieve begeleider is zijn schuld, schaamte en angst voorbij. Doordat hij alle kanten opgaat, improviseert en zegt wat in hem opkomt, laat hij schaamteloos zien wie hij werkelijk is. En daar is kracht voor nodig.
  • Ja, maar ik ga toch geen spelletje spelen met mijn leerlingen!
Jammer genoeg zijn er mensen die na hun twaalfde het spelen van spelletjes verleerd hebben. Voor de provocatieve begeleider is er niets leukers dan vanuit lol, liefde en plezier met anderen spelletjes te spelen met de oprechte bedoeling die ander vooruit te helpen en zelf volop te genieten. En daarbij: wanneer je een onbeschofte ouder tegenover je hebt die het bloed onder de nagels vandaan haalt en jij blijft professioneel vriendelijk en erkennend, al je woede, frustratie en angst verbergend, wie speelt er dan geen spelletje?
  • Ja maar, als je constant provoceert, ga je toch ieder contact uit de weg?
Daarom provoceer je ook niet constant. Het is een vaardigheid die je toepast naast je andere kwaliteiten die je al jaren met succes toepast. Je provoceert wanneer je vastloopt of wanneer je bij de ander of jezelf weerstand ontdekt. Weerstand kun je zien als een manier waarmee mensen tegen je zeggen ‘Ik wil dat je anders met me omgaat’. Provocatie is zo’n andere manier. Wanneer je echt contact hebt, zal de behoefte te provoceren afnemen. Provocatie kan leiden tot intimiteit en wanneer die is bereikt, zal de behoefte bewust te provoceren afnemen.
  • Ja, maar dan moet je tot slot wel even vertellen waar precies de grens tussen provocatie en sarcasme ligt.
Als een ander jouw grens definieert, ontneemt hij jou de kans die zelf te bepalen. Dat doe ik je niet aan. Provocatieve begeleiding is een dans vanuit het hart, niet vanuit het hoofd. Bij dansen sta je soms even op de tenen van je partner. Danspartners tussen wie de band stevig genoeg is, kunnen dat aan en lachen daarom. Als dat risico jou te groot is, neem dan plaats aan de rand van de dansvloer en wie weet word je ten dans gevraagd. Maar weet: hoe meer ‘ja-maars’, hoe leger je balboekje.

Symposium
Wie hiermee aan de slag wil gaan, zal op dit symposium en daarna op school een heerlijke tijd beleven. Bent u er klaar voor zich aan de staart te laten trekken?

Symposium Provocatieve Coaching
9 april 2008/Utrecht
m.m.v. Jan Ruigrok (leerlingbegeleider en trainer/coach) en Jaap Hollander (provocatief coach en auteur van diverse boeken over dit thema)

Over de auteur
Jan Ruigrok is trainer/adviseur bij Rigardus.

Meer lezen
Jaap Hollander en Jeffrey Weinberg: De provocatieve coachen, de basis, Berthold Gunster en Herberd Prinsen: Ja maar ik ben wel leraar, Anneke Dekkers en Jan Ruigrok: De provocatieve begeleider: en nu maar hopen dat ze nijdig op me worden, te downloaden via www.rigardus.nl.

Links en download
Download het complete artikel [MS-Word 42 Kb ]
NVS-NVL
Meer artikelen NVS-NVL
Rigardus.nl
Symposium Provocatieve Coaching
© Kennisnet | Disclaimer | Over ons | Contact